Ceremonie, voor fluitkwartet

Vanavond heb ik een uiterst gezellige les/repetitie bijgewoond van het fluitkwartet waar ik eerder over schreef. Meteen in de trein terug alweer allerlei ideeën opgeschreven; ik denk dat ik nu een definitief plan heb wat het stuk moet worden. Het fragment, dat ik voorzichtig “Poging 1” genoemd had, en dat ik meenam, puur om de klank uit te proberen, zal ik er wegens succes toch ook in moeten verwerken–ik leer steeds weer dat de geluiden die mijn computer produceert, voor geen enkel stuk flatteus zijn. Lang leve echte, muziekmakende mensen.

 

Heel lang twijfelde ik over de vorm, die het stuk moest aannemen. Klassiek in vier delen? Saaai. Ik wilde de grens opzoeken van wat nog gebalanceerd zou zijn, en had om die reden bedacht: twee serieuze, langere delen, het tweede een reactie op het eerste, gevolgd door een kort, desnoods theatraal Coda om alles teniet te doen.

 

Zoals uit de foto blijkt heeft er daarna, en vooral vanavond, nog wat evolutie plaatsgevonden. Doorslaggevend was de frase “Twee violen en een trommel en een fluit”–als ondertitel van het hele stuk, en als uitgangspunt voor het openingsdeel; de celliste mag doen alsof ze slagwerker is. Juist omdat ik deze mensen goed ken, en zij mij, durf ik dat voor te schrijven. Wat fijn dat er zulke mensen bestaan.

 

Tijd om wat noten op papier te zetten.

 

Ceremonie planning