String Quartets

strijkorkest (6/6/4/4/2), 8′-10′
geschreven september/oktober 2015 in opdracht van de Utrecht Conservatory Strings (Masters)
Première: 7-11-2015, Fentener van Vlissingenzaal, Utrecht

Het Utrechtse conservatoriumorkest heeft een lange traditie van het uitvaardigen van opdrachten voor nieuw werk van de compositiestudenten. Voor de concerten van najaar 2015 was het mijn beurt; er werden twee strijkorkesten gevormd, elk met een eigen programma, en voor het orkest van de masterstudenten was er een programma samengesteld met het veertiende strijkkwartet van Schubert (ook wel bekend als Der Tod und das Mädchen, naar het thema van het tweede deel) en mijn nieuw te schrijven stuk, dat daar op de een of andere manier op aan diende te sluiten.

Lang twijfelde ik, of ik misschien flarden Schubert moest gaan citeren—maar welke dan? Het stuk is naar mijn mening tamelijk volmaakt, en het zou zonde zijn om daarin te gaan knippen en plakken. Uiteindelijk besloot ik gebruik te maken van twee afzonderlijke gegevens: ten eerste werd voornoemd stuk gespeeld in een bewerking voor strijkorkest (door niemand minder dan Gustav Mahler) waarin een sterke dieptewerking zit tussen het oorspronkelijke solo-kwartet en het tutti-orkest. Ten tweede werden de strijkerssecties aangevoerd door vier conservatoriumdocenten, die ook als zelfstandig strijkkwartet optreden, en bestond het orkest verder uit vergevorderde studenten. Zodoende ontstond er een stuk, waarin allerlei verschillende strijkkwartetten—niet alleen de vier solisten!—zelfstandig opereren, hetgeen ook de titel verklaart. Tevens hebben alle 22 spelers om deze reden verschillende partijen.

Wat de inhoud betreft ontstaat String Quartets vanuit een enkel, vijf noten tellend motief—een muzikaal cryptogram in de traditie van DSCH, waarvan ik de betekenis voor me houd—dat vanaf maat 1 de kiem vormt van veel van het gebruikte materiaal. Na enkele minuten wordt een contrasterend, perpetuum mobile-achtig thema geïntroduceerd door het solokwartet, en tot het eind blijven deze twee ideeën wedijveren om aandacht. De veelheid aan verschillende stemmen zorgt voor grote contrasten tussen enkelvoudige, van kleur veranderende liggende noten enerzijds en kolossale cluster-akkoorden anderzijds—alle mogelijkheden van de bezetting worden verkend. Het stuk dwingt iedere speler om verantwoordelijkheid te nemen voor zijn of haar eigen partij; je kunt je achter niemand verschuilen!


UCS Masters met het Bellamy Quartet: Liz Perry, Chris Duindam, Richard Wolfe & Timora Rosler, o.l.v. Mikhail Zemtsov.
Opgenomen 8-11-2015, Fentener van Vlissingenzaal, Utrecht

Comments are closed, but trackbacks and pingbacks are open.